Niet alleen de eisen zijn glashelder, hetzelfde kan gezegd worden van de vele akties. Onvoorspelbaar, gevarieerd, vindingrijk, kreatief, massaal, strijdbaar en hardnekkig. Nederland wordt wakker geschud uit de diepe polderslaap. Zelfs het bastion van de parlementaire demokratie kraakt even. Onder het motto "We gaan naar den Haag om het geld te halen" wordt maandag 27 oktober 1997 het gebouw van de Tweede Kamer een half uurtje in beslag genomen. Dat gebeurt na een dag aktie in Rotterdam. Eerst een fel protest bij het gerechtsgebouw tegen het ontslag van Jeroen Toussaint, daarna de bezetting van de wankele Erasmusbrug. Kok weet er nu alles van, ook de nieuwe hoofdkommissaris van Peper, rechters, bazen van het GAK, de rotterdamse en amsterdamse bevolking, heel Nederland, misschien wel de verbaasde internationale pers en Clinton, maar hoe zit 't met de Vervoersbond FNV?
In de gezamenlijke ledenvergadering van amsterdamse en rotterdamse havenarbeiders zijn de eisen gesteld waarover onderhandeld moet worden. Kort samengevat komen ze neer op: één gezamenlijke havenpool, een vierdaagse werkweek zonder verlies van koopkracht, pensioen met 55 jaar, scholing (jongeren!) en roosters op basis van eigen keuze.
Daarmee begint het eerste probleem. De overgrote meerderheid van de verantwoordelijke, bezoldigde bestuurders van de Vervoersbond FNV vindt deze eisen onrealisties en onhaalbaar. Dat mogen die bestuurders natuurlijk vinden. Heel wat anders is of hun mening dan ook inzet van de onderhandelingen wordt. En dat blijkt het geval te zijn! Weliswaar zijn de kaderleden van de onderhandelingsdelegatie het daarmee niet eens, maar in de rituelen van de onderhandelingen legt dat - tot nu toe - geen gewicht in de schaal. Dat is het tweede probleem.
Deze problemen gaan niet geruisloos voorbij. De delegatieleider dreigt met vertrek, schorsingen, gesteggel enzovoort.
De meest recente onderhandelingen zijn met Schermer. Hij bepaalt de agenda, praat alleen met de delegatieleider en deze berust daarin. Dat gesprek loopt niet zo moeilijk, omdat de twee het vrijwel met elkaar eens zijn. Over de procedure en over de inhoud. En dat is het derde probleem. Pech voor de twee heren is dat ze geen zaken kunnen doen, omdat daar de instemming van de kaderleden voor nodig is.
* De procedure. Schermer wil met de situatie in Amsterdam weinig te maken hebben. Zijn plannen betreffen een sanering van de rotterdamse havenpool. De delegatieleider wil eerst Amsterdam apart oplossen. Daarna komt Rotterdam en tot slot kan er gesproken over een samenwerking of fusie van de twee pools.
* De inhoud. In de woorden van Schermer (NRC Handelsblad 22-10-1997): "We vragen redelijke zaken. Havenpoolers moeten zes dagen beschikbaar zijn. Ze worden vier dagen ingeroosterd en moeten de andere twee dagen oproepbaar zijn." Hij geeft dus een garantie van een gemiddelde werkweek van vier dagen. Maar dan wel met een loonverlies van 15 procent. De zes dagen oproepbaarheid ziet hij als een bijdrage aan de 24-uurs ekonomie: weekeinden, avonden, nacht. Daarnaast moeten er van de 950 mensen 50 'vrijwillig' verdwijnen.
Voor alle duidelijkheid. Schermer gaat niet uit van een verminderd werkaanbod, maar van een vermeerderde inzetbaarheid van het personeel. De delegatieleider gaat daarin geheel mee, luistert naar ingewikkelde berekeningen van Schermer, praat over 'sociaal aanvaardbare oplossingen' en twijfelt misschien nog een beetje aan die 15 procent, dat zou eventueel ietsje minder kunnen zijn. Oh ja, na een schorsing en hevig aandringen, werd op een fluisterende toon melding gedaan van de eisen van de leden.
Het gekke is dat over de situatie in Amsterdam niet gesproken wordt. Want de procedure wordt strikt gevolgd. Er loopt wel een onderzoek (Coopers & Lybrand) via wethouder Krikke en er ligt een 'konvenant'. In die overeenkomst wordt voor de zoveelste keer bevestigd dat de inhuur door de vaste bedrijven loopt via de Arbeidspool. Maar daar achter schuilt een 'reddingsplan', waarin de pool in tweeën gesplitst wordt. Eén helft lijkt op de pool die Schermer wil. De tweede helft wordt een uitzendpool voor werkloze havenpoolers die opgeroepen kunnen worden als dat nodig wordt geacht. De leiding van de Vervoersbond ziet wel wat in dit reddingsplan, maar wacht het onderzoek van Coopers & Lybrand af. Maar ook voor dit plan geldt, dat het strijdig is met de eisen van de mensen van de amsterdamse havenpool.
Proberen we nu het slagveld te overzien, dan zijn er akties, halfzachte onderhandelingen, een onderzoek en vooral tegenstellingen binnen de Vervoersbond FNV. De lijn die door de leiding wordt gevolgd, is in strijd met de eisen van de leden.
Voor het bestaan van die tegenstellingen zijn verschillende verklaringen te geven. In de eerste plaats: de bond wenst geen strijd en wil er in ieder geval geen leiding aangeven. In de tweede plaats: ook nu het poldermodel van harmonie en overleg in de havens in duigen valt, kiest de bond voor een zo soepel mogelijke sanering, waarin flexibiliteit het sleutelwoord is. In de derde plaats: de havens worden gezien als een 'krimpsektor'en zijn geen prioriteit meer in het beleid van de bond (dat geldt in het bijzonder voor Amsterdam). In de vierde plaats: de Vervoersbond FNV staat aan de vooravond van een fusie met drie andere FNV-bonden (FNV Bondgenoten) en daarin past kennelijk geen strijd. "We verspelen ons krediet in een grote fusiebond", lichtte de delegatieleider zijn opstelling toe.
Des te meer bewondering verdient het dat de leden zeggen: Bond, knok mee met ons!
Het is een taai gevecht en de tijd begint te dringen. Dinsdag 18 november komt de eerste groep amsterdammers in de WW. Schermer onderhandelt pas weer op 11 november en voor die tijd moet het onderzoek van Coopers & Lybrand klaar zijn.
Een doorbraak in de vele patstellingen is nodig. De feiten rechtvaardigen dit. Te midden van de akties is er dagelijks werk voor minstens honderd man, terwijl de cacao-boten in aantocht zijn. Ongeveer tien mensen hebben nu al een baan gekregen bij de vaste bedrijven. En in de regio waarvoor de Arbeidspool dient, werken zeker 150 mensen van buiten de pool en buiten de CAO.
Dat de havenarbeiders in hun recht staan, hebben zij in deze speciale uitgave van Solidariteit op allerlei manieren aangetoond. Hun strijd voor het behoud van volwaardige werkgelegenheid is een voorbeeld voor hun kollegaas in andere bedrijven. Hun eis van een vierdaagse werkweek zonder loonverlies is een daad waar de vakbeweging trots op zou moeten zijn.