Herman Pieterson (1)
Voor de 1 mei viering van het NIVON, het laatste restant van de Rode Familie, kreeg ik de vraag iets te doen met het Plan van de Arbeid en het Instituut voor Arbeidersontwikkeling. Dat zit zo. Het NIVON is de directe voortzetting van dat Instituut. Opgericht in 1924. En daarom viert het dit jaar zijn honderdste verjaardag. Jaarlijks houdt het NIVON op 1 mei de Koos Vorrinklezing, in het Koos Vorrinkhuis in Lage Vuursche. Deze keer door Michiel Zonneveld over een nieuw Plan van de Arbeid, hij schreef daar een boek over.
Mijn eerste reactie was, ga nou niet zoeken naar iets dat er niet is, want het Plan van de Arbeid is in 1935 door een commissie van de SDAP en het NVV gemaakt, onder begeleiding van het nieuwe Wetenschappelijk Bureau. Maar dat zat toch anders.
Dat het Instituut er wel een rol bij speelde, had ik kunnen weten. Henk Michielse wijdt er in zijn boek Socialistiese vorming (let op de jaren tachtig spelling) een uitvoerige passage aan. Maar er zit wel iets vreemds aan die rol.
Het Instituut voor Arbeidersontwikkeling was door de SDAP en het NVV opgericht. Als kaderschool voor partij en vakbeweging, maar ook als instrument voor de culturele verheffing van de werkende mensen. Tot aan de jaren zestig heeft het die eerste rol ook vervuld, zij het dan op het laatst vooral met algemene cursussen voor wie minder gelegenheid op een schoolopleiding had gehad.
Het Plan van de Arbeid had eigenlijk een tweeledig doel. Het sloot aan bij de poging van de SDAP om zich te presenteren als een constructieve partij. Het moest niet alleen arbeiders, maar ook middengroepen voor een maatschappelijk alternatief winnen. Socialisme en klassenstrijd zijn woorden die rond het Plan niet of nauwelijks werden gebruikt. In dit opzicht is de opzet mislukt én geslaagd. De andere partijen, maar ook de confessionele vakbonden, wilden er niets van weten. Maar veel grondgedachten ervan werden na de oorlog gerealiseerd met de oprichting van de Sociaal-Economische Raad, de Stichting van de Arbeid en het Centraal Planbureau. Tekenend: de belangrijkste opsteller van het Plan, Jan Tinbergen, werd de eerste directeur van het CPB. Aangesteld door minister Hein Vos, in 1935 directeur van het Wetenschappelijk Bureau.
Het tweede doel was een antwoord geven op de meest directe problemen van de crisis. Er was wél een alternatief mogelijk voor de bezuinigingspolitiek van Colijn, was de boodschap. In dit opzicht lijkt het Plan van de Arbeid, ook zonder dat het als zodanig werd gesteund door de liberale en confessionele partijen, effect te hebben gehad. Verdere steunkortingen voor de honderdduizenden werklozen bleven uit. En aan de aanpassingspolitiek (steeds verder bezuinigen om Nederland concurrerend te houden) kwam een einde, toen uiteindelijk in 1936 de koppeling van de gulden aan het goud werd losgelaten.
Wat kon het Instituut aan het Plan bijdragen? Hier komt het rare van die rol. Je zou denken dat een instelling die voor kadervorming was bedoeld ook een vooraanstaande rol bij het Plan zou spelen. Niets is minder waar. Het eigenlijke Plan werd opgesteld door een commissie, met hulp van deskundigen. Bijna uitsluitend centrale figuren uit de besturen van SDAP en NVV, de kamerfractie en deskundigen in en rond het nieuwe Wetenschappelijk Bureau.
Bij de cursusavonden die het Instituut hield, werd gebruik gemaakt van een Handboek voor het Plan van de Arbeid, met een samenvatting van het Plan en toelichtingen per onderwerp, zoals "Crisispolitiek en industrialisatie" of "Arbeiders en middengroepen". Later kwam daar een boekje bij: Ons Plan na een jaar. Allebei de boekjes zijn volgeschreven door dezelfde kring bestuurders en vooraanstaande figuren. De voorzitter van het Instituut, Henk Brugmans mocht het wel inleiden.
Kennelijk waren er buiten de kring van de leiding van SDAP en NVV geen mensen die voldoende vertrouwen genoten. Sam de Wolff, in die tijd een bekend econoom, schittert door afwezigheid. En mogelijk werd het Instituut niet helemaal voor vol aangezien. Hoe dat kwam, is moeilijk vast te stellen. Het NVV wilde al vanaf het begin het Instituut vooral niet te veel eigen dingen laten doen. Ze hadden niet zo veel op met het cultuursocialisme van Vorrink en Brugmans. Vanuit de SDAP lag dat anders, maar mogelijk wilden ze ook daar niet te veel buiten de controle van fractie en partijbestuur laten gebeuren.
Tegenwoordig is een dergelijke gang van zaken nauwelijks nog voorstelbaar. Het NIVON staat los van linkse partijen en vakbeweging, en is zeker geen kaderschool meer. Maar ook Groen Links en PvdA zijn, al dan niet gezamenlijk, niet gericht op het bieden van een omvattend plan dat als alternatief voor de gangbare neoliberale politiek kan dienen. Zeker, er wordt gezwaaid met Timmermans' Green New Deal. Maar dat plan is al Europees gekortwiekt en vertraagd.
Het idee van een nieuw Plan leeft wel. Dat bleek bij de Koos Vorrinklezing in Lage Vuursche. De discussie was er zeer levendig, vooral de gedachte dat er een ander vooruitzicht moet zijn, anders dan het neoliberalisme van de afgelopen jaren, sloeg aan. Een breder perspectief dan alleen Arbeid, het gaat ook om de toekomst van onze planeet. Wat de arbeid betreft zijn er nu meer en andere problemen dan toen: flexibilisering, werkdruk maar ook sociaal veilige omstandigheden zou je volgens mij moeten opnemen. En er is ruimte nodig voor een andere kijk op de organisatie van de arbeid. Ruimte voor initiatieven van onderop, voor coöperaties in plaats van mega-instellingen en bedrijven.
Zulke ideeën samen uitwerken, daarvoor zijn initiatieven nodig, en faciliteiten. Het NIVON zou qua faciliteiten in afdelingen en natuurvriendenhuizen iets kunnen betekenen. Organisatie zal eerder uit sociale bewegingen, uit de vakbeweging, of van andere maatschappelijke organisaties kunnen komen. Wie neemt een eerste initiatief?
Het zou mogelijk moeten zijn. Een wenkend perspectief als uitweg uit de gecombineerde crisissen: klimaat, mest, wonen, onderwijs en zorg schreeuwen om alternatieven. De denkkracht van de wetenschappelijke bureaus van FNV en linkse partijen, van organisaties als Milieudefensie, SOMO en TNI, van maatschappelijke bewegingen als de woonbeweging of Extinction Rebellion, is te combineren. Toch? Voor een Groen Plan van de Arbeid 2025?
(1) 2 mei 2024