Een land van kleine buffers en pensioenen 1

Er is genoeg geld, maar we gebruiken het verkeerd

Sjarrel Massop

Voorkant boek Een land van kleine buffers. Dirk Bezemer

De noodzaak tot duurzaam inrichten van de economie wordt door een groeiend aantal mensen, van wetenschappers tot activisten, ingezien. De omvang van de crises: klimaat, corona, groeiende ongelijkheid, en falend beleid, nemen proporties aan die ongekend groot zijn. Dirk Bezemer heeft vorig jaar een zeer verdienstelijke poging gedaan de economie en de politiek te ontrafelen. Met als doel tot een scenario te komen, waar werkbare oplossingen mogelijk zijn. Helaas denkt hij binnen het kader van het heersende systeem.

Om tot een perspectief te komen, heb ik de vrijheid genomen de titel en de ondertitel van zijn boek om te draaien. Het besef dat er genoeg geld is en dat het erop aan komt om dat goed te besteden, moet de kern van een nieuwe duurzame politiek worden. Die gedachte maakt namelijk duidelijk dat werken in en vanuit het systeem van het kapitalisme een doodlopende weg is. Bezemer heeft in het slothoofdstuk een scenario geschreven, waarvan hij zelf zegt dat het waarschijnlijk anders zal lopen. Hij zal helemaal gelijk krijgen, omdat er binnen het systeem geen mogelijkheden zijn om tot duurzaamheid en gelijkheid en gezondheid voor alle mensen te komen.

Vermogen en kapitaal

Het eerste probleem waarmee Dirk te maken heeft, is de niet correcte definitie van kapitaal. Hij heeft het veel over financieel kapitaal dat bijvoorbeeld in de pensioenfondsen zit of op de bank staat. Maar Marx al maakte een onderscheid tussen vermogen en kapitaal. Kapitaal is in zijn ogen de toepassing van vermogen tot produceren van waren.

Marx ziet twee soorten vermogen, namelijk arbeidsvermogen en hulpmiddelen die vaak ook voortkomen uit arbeid en gebruikt worden in productieprocessen. De toepassing van dat vermogen is kapitaal. In het verlengde daarvan stelt Marx dat er twee soorten kapitaal zijn: variabel en constant kapitaal. Het eerste is de toepassing van arbeidsvermogen in productieprocessen. Het tweede is de toepassing van alle vermogens of hulpmiddelen die niet de arbeid betreffen. Het gaat dan om gebouwen, machines, grondstoffen en ook bijvoorbeeld financieel vermogen om productieprocessen te laten plaatsvinden: bedrijfskapitaal.

Groei en accumulatie

Het tweede probleem waarmee Dirk Bezemer worstelt, is van historische aard. Dat begint met wat Marx de oorspronkelijke accumulatie noemde. Dat betreft eigenlijk niets anders dan de onteigening van het vermogen om te produceren, van de producenten in het productieproces, de arbeiders. De boer heeft land nodig om aardappels te verbouwen. De feodale landheer zei, soms met bruut geweld: dat land is van mij en als jij aardappels wilt verbouwen is 10 procent van de opbrengst voor mij.

Met de industriële revolutie is dit idee van groei en accumulatie door de burgerij overgenomen en toegepast in de nieuwe industriële productie. De kapitalist zei tegen de arbeider: de gebouwen, de machines zijn van mij, en als je brood wilt bakken of boeken wilt schrijven dan mag je voor mij werken, voor een loon. Het resultaat van je arbeid is echter voor mij. De essentie hier is dus dat groei ook een kwestie is van onteigening.

Perspectief

In de ontwikkeling van het systeem spelen deze twee problemen - het onderscheid tussen vermogen en kapitaal en de onteigening - een doorslaggevende rol. Privaat eigendom is naast de auto de heilige koe geworden voor het kapitalisme. Het stelt bevoorrechte mensen in staat, desnoods met bruut geweld, om van niet bevoorrechte mensen vermogens af te pakken.
Bijvoorbeeld de Shell. Door acties is gesteld dat pensioenvermogens niet meer belegd mogen worden in fossiele brandstoffen. Daar doet de overheid nog eens een schepje bovenop door te zeggen aan de eigenaren (Bezemer: vermogenstitels) dat ze over de opbrengsten daarvan belasting moeten betalen. Vermogensbelasting of dividendbelasting. Eindelijk komt de overheid tot het inzicht dat wat afgepakt is en wordt, terug moet worden gevorderd om aan de klimaatplannen te kunnen voldoen. Wat zegt Shell? Dan gaan we naar Engeland, omdat we daar mogen behouden wat we gejat hebben van de mensen. In bijna blinde paniek probeert de Nederlandse overheid haar maatregelen terug te draaien.

Een ander voorbeeld: pensioenfondsen. Jarenlang waren naast het overheidspensioen, de AOW in Nederland, de aanvullende pensioenen goed geregeld. Alle werkenden betaalden een bescheiden premie voor een aanvulling op hun staatspensioen. Dat ging redelijk goed, totdat de overheid zich ermee ging bemoeien. Er moesten regels komen om het opgebouwde vermogen goed te beheren. Money managers noemt Bezemer hen.
Gezegd moet worden dat deze money managers zeer succesvol zijn geweest in het verder onteigenen van de werkenden. Er is een dood vermogen ontstaan, een vermogen waarmee niets gedaan wordt, van 2.000 miljard euro. Bezemer: Nederland is bij uitstek money managers kapitalisme geworden, waar het managen van vermogen tot kernactiviteit is geworden. Het ophopen van vermogen [door jatten, onteigenen] is doel op zich. De money managers willen beloond worden, er werd in 2019 8,6 miljard euro uit de pensioenpot van de pensioenfondsen gehaald, waarvan 2 miljard aan bonussen voor de managers, 1 miljard voor uitvoeringskosten, en 5,4 miljard euro aan transactiekosten.
We gaan het dertiende jaar in dat de aanvullende pensioen niet geïndexeerd worden .....

Systeemprobleem

Door de verdere rationalisering van de productieprocessen hoopt het kapitalistische systeem zijn meubelen te redden. De arbeidsproductiviteit moet omhoog, winst en rendementen zijn nodig om de klimaatproblemen, de corona toestanden, de ongelijkheid aan te pakken. Het tegenovergestelde wordt echter praktijk. Groei en accumulatie leiden tot nog meer loskomende virussen, verhoging CO2 uitstoot, onverantwoorde opwarming van de aarde, grotere ongelijkheid en het niet indexeren van de pensioenen.

Blijven werken en denken binnen die kaders gaat het niet worden. In een column schrijft Bezemer: Greta Thunberg heeft het overleg in Glasgow teleurgesteld verlaten. In haar toespraak tot klimaatactivisten verklaarde zij COP26 tot een mislukking. Onze leiders willen er niet aan dat we de maatschappij moeten veranderen. Om dat onderwerp te vermijden, praten ze over groene groei binnen het huidige systeem. Dat is nooit voldoende, aldus Thunberg. 2
Ook Dirk Bezemer komt schoorvoetend tot dat inzicht. De conclusie is dan: Thunberg heeft gelijk. Leiders die slechts inzetten op CO2-beprijzing en het inzamelen van miljarden op de financiële markten [pensioenvermogens afpakken van de pensioengerechtigden] ontwijken de echte oplossing: Verlaat het winst gedreven systeem. De oplossing ligt dan in coöperatieve en publieke vormen van eigendom en in fysieke regulering van private bedrijven inderdaad een radicale breuk.


  1. Dirk Bezemer doet een zeer verdienstelijke poging uit te leggen waarom de omvorming van de economie nodig is en hoe het anders kan en moet. Het land van de kleine buffers, er is genoeg geld maar we gebruiken het verkeerd, Amsterdam, uitgeverij Pluim, 2020. (terug)
  2. De Groene Amsterdammer, 11 november 2021. (terug)
S symbool