Historische toespraken
Woorden hebben een betekenis
Harry Peer
In de zomer van 2023 bezocht ik voor het eerst van mijn leven Appingedam. Zonder meer een mooie, historische plaats. Daar liep ik tegen het gerenoveerde geboortehuis aan van Rudolph Cleveringa. Hij zag daar het levenslicht op 2 april 1894. Ik moest denken aan de protestrede die hij zoveel jaren later als hoogleraar aan de Leidse universiteit op dinsdag 26 november 1940 hield tegen het door de Duitse bezetter aangekondigde ontslag van zijn Joodse collega's.
Zestien hoogleraren werden ingevolge de opdracht van de Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandse gebied van hun functie ontheven. De toespraak van Cleveringa is negen bladzijden lang opgenomen in De 50 mooiste, beste en meest historische Nederlandse toespraken. (1)
Rudolph Cleveringa
Cleveringa
Studenten en docenten wisten of vermoedden wat hij van plan was. In een bomvolle collegezaal nam Cleveringa het woord: Ik treed hier vandaag voor U op een uur waarop gij gewoon waart een ander voor U te zien: Uw en mijn leermeester Meijers. Evenmin zal ik met mijn woorden Uw gedachten pogen te leiden naar hen, van wie het schrijven, van welks inhoud ik U verslag heb gedaan, is uitgegaan. Hun daad qualificeert zichzelf voldoende. Het eenige wat ik thans begeer, is: hen uit het gezicht en beneden ons te laten en Uw blik te richten naar de hoogte, waarop de lichtende figuur staat van hem, wien onze aanwezigheid hier geldt.
L. de Jong over de emotionele momenten na de toespraak: Het was even stil. Toen klonk er een luid, lang aangehouden applaus. Midden in de zaal zette een student het Wilhelmus in. Men zong, menigeen terwijl hem of haar de tranen over de wangen stroomden, het eerste couplet, daarna het zesde, "en de smeekbede, de tyrannie te mogen verdrijven". (2)
De in 1880 in Den Helder geboren Eduard Meijers was in 1910 in Leiden tot hoogleraar benoemd, waar hij ''burgerlijk recht en internationaal privaatrecht'' doceerde. Hij was een gezaghebbend wetenschapper van internationaal formaat. Cleveringa was bij hem gepromoveerd. De avond voor zijn toespraak hadden Cleveringa en zijn vrouw thuis stil aan tafel gezeten. Op donderdag 28 november werd hij gearresteerd en vervoerd naar de Cellenbarakken van het Oranjehotel te Scheveningen. Meijers werd op 7 augustus 1942 met zijn vrouw en dochter gedeporteerd naar Kamp Westerbork. (3)
Aletta Jacobs
De toespraak van Cleveringa werd op 25 januari 2015 tijdens een uitzending van het radioprogramma OVT tot "de beste Nederlandse toespraak" gekozen. Op de tweede plaats kwam de speech die Aletta Jacobs op 27 september 1919 in het Amsterdamse Concertgebouw gaf naar aanleiding van de invoering van het Algemeen Vrouwenkiesrecht. Deze beslaat vijf bladzijden in de genoemde bundel.
Aletta Jacobs gaat in op de 25 jaar geschiedenis van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht die nooit om het kiesbiljet heeft gesmeekt, wij wilden het niet als een aalmoes, maar als een toekomend recht ontvangen. Nooit heeft de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht een onze vrouwelijke waardigheid en fierheid kwetsende actie gevoerd en nooit is zij militant opgetreden. Alleen door overreding, door de volksmassa van ons goed recht te overtuigen en de voordelen aan te tonen, die het gehele land ervan zou plukken, hebben wij voetje voor voetje terrein gewonnen, totdat eindelijk de vijand, die voor ons nooit de man was, maar domheid, vooroordeel, angst voor het nieuwe, zich heeft moeten overgeven. Met de woorden van Mrs. Perkins Gilman stelt Aletta Jacobs de mannen gerust:
Vrees niet de vrouw der toekomst, Broeder!
Vrij en zelfstandig geeft zo oneindig meer.
Zij wordt een beter vrouw, een beter moeder
dan ze ooit kon zijn.
Willem Drees

De vijftig toespraken in de bundel zijn in chronologische volgorde opgenomen en verschillen aanzienlijk in de achtergronden, het retorisch talent en de overtuigingskracht van de sprekers, in thematiek, lengte, diepgang, emotionele uitwerking en historische betekenis. Het boek begint met de debuutrede van Suze Groeneweg als eerste vrouwelijke Kamerlid in het gebouw van de Tweede Kamer in Den Haag op 7 november 1918. Vijftien regels, waarvan de eerste zin luidt: Mijnheer de voorzitter, nu zich het historische feit voltrekt, dat voor de eerste maal een vrouw het woord zal voeren in 's lands vergaderzaal, gevoel ik wel zeer sterk de verantwoordelijkheid, die mij opgelegd werd, toen mij de hooge eer te beurt viel als draagster van deze geschiedkundige gebeurtenis hier binnen te treden.
De kortste toespraak is die van Rinus Michels, nadat het Nederlands elftal op 26 juni 1988 het EK voetbal had gewonnen: De halve finale was de finale. We hebben twee finales gespeeld. Bedankt en we zullen het nooit nooit nooit vergeten. Ogenschijnlijk niet meer dan een zakelijke mededeling. Heel Nederland ging door het dak.
De langste toespraak is die van Willem Drees in de Tweede Kamer op 27 maart 1947. Hij is gauw een half uur aan het woord. De minister-president spreekt over de Noodwet Ouderdomsvoorziening. Hij vangt aan: Mijnheer de Voorzitter! Tweeërlei zorg in het leven van de grote massa van het volk heeft mij altijd zeer in het bijzonder getroffen. De ene is de werkloosheid en de bezorgdheid voor werkloosheid onder de loonarbeiders en de onzekerheid van het bestaan, die zij daarbij hadden tegemoet te zien. De andere is de vrees voor de oude dag, waarop velen in volslagen afhankelijkheid zouden hebben te leven. Het zijn niet de enige noodtoestanden in het maatschappelijk leven, maar het zijn wel twee van de belangrijkste.
Tien jaar later volgde de AOW, de Algemene Oudersdomswet. Tegenwoordig reppen politici over het belang van bestaanszekerheid en vertrouwen in de overheid. Willem Drees zette zich er daadwerkelijk voor in waarvoor veel burgers hem uit dankbaarheid de bijnaam, de eretitel "Vadertje Drees" gaven.
Tien vrouwen
De toespraken zijn geselecteerd door Marnix Koolhaas van de VPRO. Historica Denise Parengkuan heeft ze voorzien van een interessante toelichting, vaak een stuk langer dan de toespraak zelf. Veel bekende Nederlanders passeren de revue: Pieter Jelles Troelstra met zijn oproep tot revolutie op 11 november 1918 en andere politici: Hendrik Colijn, Willem Drees, Hans van Mierlo, Willem Aantjes, Joop den Uyl, Marcus Bakker, Frits Bolkestein, Wim Kok, Jan Peter Balkenende, Frans Timmermans, Ahmed Aboutaleb, Mark Rutte. Dit is een opsomming van allemaal mannen. Even gecheckt. Tien toespraken blijken van vrouwen (onder wie de vier opeenvolgende koninginnen, Wilhelmina zelfs twee keer), en veertig dus van mannen (Drees en Kok, eveneens twee maal).
De bundel toespraken is wat betreft de afgelopen eeuw een goede en zelfs noodzakelijke aanvulling op de nieuwste Canon van Nederland. Wie had ooit kunnen bedenken dat Willem Drees uit de Canon zou worden geschrapt? En dat, wat verder terug in de tijd, Floris V en Karel de Vijfde eveneens het veld hebben moeten ruimen? Willem Drees heeft plaatsgemaakt voor Marga Klompé. Zij zou er van hebben opgekeken. Maar goed. Misschien zijn er ook sportliefhebbers die Lieke Martens een betere voetballer vinden dan Johan Cruijff. Wat is wijsheid? Wat is historische relevantie?
Bovenlaag
De toespraken weerspiegelen de brede Nederlandse samenleving. Met wat verbeeldingskracht zijn we deelgenoot van het historisch proces, lezen we niet alleen over, maar luisteren we naar de hoofdpersonen. Zo nemen we ook kennis van Soekarno die de onafhankelijkheid van Indonesië uitroept, van provo Robert Jasper Grootveld, bisschop Bekkers over geboortebeperking en Jopie Pengel bij de herdenking van honderd jaar afschaffing slavernij. Het is slikken bij de installatierede van Arthur Seyss-Inquart in de Ridderzaal op 29 mei 1940 en bij de 'minder-Marokkanen' speech van Geert Wilders op 19 maart 2014. Zoals bekend heeft de rechtbank in Den Haag hem daarvoor twee jaar later schuldig bevonden voor groepsbelediging en het aanzetten tot discriminatie. Voor de duidelijkheid.
De Kersttoespraken van het staatshoofd zijn niet opgenomen in het boek. Toch nog even die van koning Willem Alexander nog eens bekeken en beluisterd. Ze worden elk jaar beter. Verbinding is het sleutelwoord. Ik ben benieuwd met welke woorden de koning dit jaar betekenis gaat geven aan de veranderde politieke verhoudingen.
De 50 mooiste, beste en meest historische Nederlandse toespraken met plezier gelezen. Niettemin knelt er wat. Met alle respect. Het is de bovenlaag van de maatschappij die tot ons spreekt. Er ontbreekt iets. Toespraken van gewone mensen die een grote invloed hadden. Een paar voorbeelden. Ik denk aan de twee arbeiders van de Stadsreiniging Dirk van Nimwegen en Piet Nak, beiden communist. Op maandagavond 24 februari 1941, op de Noordermarkt in Amsterdam spraken zij ongeveer 250 man toe en riepen op tot een algemene staking tegen de Duitse bezetter na de razzia's in de Jodenbuurt. Zij zetten hun leven daarmee op het spel.
Op woensdagavond 25 februari 2015 kort na de herdenking van de Februaristaking houdt studente filosofie Harriët Bergman een vlammend betoog op het bordes van het Maagdenhuis. Honderden toehoorders. Er volgt een maandenlange bezetting van de bestuurszetel van de Universiteit van Amsterdam, dagelijks te volgen op televisie en sociale media. De studenten hekelen de rendementsideologie, het doorgeslagen marktdenken. De voorzitter van het College van Bestuur van de universiteit wordt gedwongen te vertrekken. De bezetting groeit uit tot het grootste universiteitsprotest in de geschiedenis van Nederland. Caspar Thomas heeft er een boeiend boek over geschreven, Competente rebellen.
25 februari 2015. Harriët Bergman spreekt demonstrerende studenten en docenten van de
Universiteit van Amsterdam toe op het Spui.
foto Harry Peer.
Femke Halsema
Laat ik nou ook nog zelf een beetje deel uitmaken van de geschiedenis. Ik ben aanwezig geweest bij vier van de gehouden toespraken. Bij die van Herman Bode, Willen we naar de Dam? Willen we naar de Dam? Dan gaan we naar de Dam! op 4 maart 1980. Bij die van Mient Jan Faber tijdens de anti-kruisrakettenbetoging op het Museumplein in Amsterdam op 1 november 1981. Voorts heb ik burgemeester Job Cohen gehoord op de Dam op 2 november 2004 na de moord op Theo van Gogh. De toespraak van Harriët Bergman op 25 februari 2015 riep bij mij herinneringen op aan eerdere Maagdenhuisbezettingen.
Als laatste in het boek opgenomen is de eerste toespraak van Femke Halsema als burgemeester van Amsterdam. Zes bladzijden. Een passage: Als stadsbestuur maken wij de stad niet. Samen, het college en ik, kunnen wij wel de bondgenoten zijn van al die Amsterdammers die zoeken naar vrijheid, naar geluk. Die elke dag hopen, verlangen, soms teleurstellingen verwerken, doorgaan, herinneringen verzamelen en sporen in de stad achterlaten. Kortom, samen de schouders eronder. Daarmee kan heel Nederland vooruit.
(1) De 50 mooiste, beste en meest historische NEDERLANDSE TOESPRAKEN. Samengesteld en ingeleid door Denise Parengkuan. Just Publishers, 2019.
(2) L. de Jong, Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog. Deel 4 - Mei '40-Maart '41 Tweede Helft, p. 741. Staatsuitgeverij, 's-Gravenhage, 1972.
(3) Hoe het verder met Cleveringa en Meijers ging, zie: Kees Schuyt, R.P. Cleveringa. Recht, onrecht en de vlam der gerechtigheid -Boom, Amsterdam, 2019 en Willem Otterspeer, Het horzelnest. De Leidse universiteit in oorlogstijd. Prometheus, Amsterdam, 2019.