Pensioenfondsen
Maatschappelijk relevante beleggingen of botte winst
Ab de Wildt
Toevallig ontmoette ik een oud collega van de spoorwegen. Na wat gekeuvel over hoe het gaat 'fysiek en psychisch', kwam natuurlijk ook het geld ter sprake. Hij vertelde dat bij zijn pensioenfonds de overgang naar het nieuwe systeem al klaar was. Hij krijgt er ongeveer vijfduizend euro op jaarbasis bij.
Wauw, dacht ik. Hoe zit dat bij mijn pensioenfonds, het ABP (Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds). Toeval of niet, maar Red het Pensioenstelsel (zie webzine Solidariteit bij dossier Pensioenen) bracht een pamflet uit met kritiek op het nieuwe systeem.
Aasgieren
Wat mij opvalt, is de ingewikkelde of in ieder geval de ingewikkeld gemaakte materie. Ondanks dat economie geen exacte wetenschap is en in het beste geval een poging tot inzicht in hoe de economie kan werken, bepalen economen wat er te doen staat met ons pensioen. En dat op veel gebieden: de adviescommissie van de Europese Unie (EU), de EIOPA (European Insurance and Occupational Pensions Authority), De Nederlandsche Bank, de beleidsmedewerkers van de FNV en het CNV, de pensioenfondsen en ga zo maar door.
Overal wordt benadrukt dat het onafhankelijke instituten zijn, maar dat is uiteraard betrekkelijk. Dezelfde universiteiten, dezelfde salarissen, dezelfde netwerken en maken kennis met dezelfde lobbygroepen. Met hetzelfde taalgebruik, dezelfde ideeën en opvattingen. En ze gebruiken heel modern klinkende woorden om veel te verdoezelen. Transparantie is zo’n woord. Geldbeheerders moeten transparant zijn van de EU. Voor wie en waarom is onduidelijk en pensioenfondsen vallen ook onder de geldbeheerders.
Ik kan overigens wel bedenken waarom transparantie belangrijk is. Andere partijen moeten kunnen beoordelen of een pensioenfonds of delen ervan aantrekkelijk zijn om over te nemen. Zie de geschiedenis rond het Havenpensioenfonds. Met 1.800 miljard euro en een rendement van zo'n vier procent, is voor aasgieren een gegarandeerde winst van pak hem beet: acht miljard euro, waar ze niets voor hoeven te doen.
De Nederlandsche Bank
Je zou inderdaad verwachten dat met zo’n beperkte club alle pensioenfondsen ongeveer eenzelfde rendement zouden halen op hun investeringen. Een Finse studie laat grote verschillen zien in rendementen en benadrukt dat de resultaten in een bepaald kader gezien moeten worden. Zo hebben de onderzochte fondsen andere doelen, andere aandeelhouders, andere structuren en een ander beheer. Vooral dat laatste is belangrijk om te weten. De Nederlandsche Bank heeft het één en ander opgesteld, bijvoorbeeld waarbinnen fondsen mogen beleggen en waarbinnen het veiligstellen van de pensioenen voor de deelnemers een belangrijk criterium is. Hebben zij zelf ook het één en ander in te brengen?
Bijvoorbeeld: bij het ABP hebben de deelnemers via hun vertegenwoordigers geëist dat het geld gaat naar 'groene en maatschappelijk relevante' investeringen, dus bijvoorbeeld geen olie- en oorlogsindustrie. Andere pensioenfondsen gaan daar anders mee om. Dat heeft invloed op de rendementen. Ook ik vind het prima dat winstmaximalisatie niet het hoofddoel van een pensioenfonds moet en mag zijn, wel maatschappelijk relevante beleggingen zoals woningbouw en vergroening.
Rechts: onbeperkte winst
Maar dan komt de Telegraaf om de hoek kijken als stem van rechts en ultrarechts Nederland met zoals bekend de VVD voorop. Die rechtse benadering verafschuwt milieubeleid, want er moet onbeperkt geld verdiend worden en keert zich fel tegen pensioenfondsen die groen beleggen. De Telegraaf probeert tweedracht te zaaien en daarmee onrust en neemt aan dat het ABP een slechte belegger zou zijn, al maakt ze niet duidelijk waarom.
Niettemin is er veel onrust gezaaid, omdat in het nieuwe systeem de aandelenmarkten onze pensioenen gaan bepalen. Bij het streven naar winstmaximalisatie gaan we meedoen aan de ratrace van speculaties, aandelen, beurzen enzovoort. Dat is een slechte ontwikkeling.
En ja, we moeten alert zijn bij ontwikkelingen waaraan de FNV meewerkt. Met name bij de huidige, goede relatie met de sociaaldemocratie (PRO geheten) die in het verleden wel heel gemakkelijk met het marktdenken is meegegaan. Maar ja, kan het ook anders met beleidsbepalers die in hetzelfde politieke milieu gevormd zijn?
