|
nr. 105 feb 2002 |
Solidariteit
Een door Marx geïnspireerde benadering van '11 september' - deel IIContouren van een 'oplossing'Na de bescheiden poging in nummer 104 om de gebeurtenissen van 11 september 2001 verklaarbaar te maken, deze keer het tweede deel. Een even bescheiden schets van de contouren van een 'oplossing' om uit de tegenstrijdige verhoudingen te komen die culmineerden in de aanslagen van die dag.Er is veel gepraat over het opdrogen van de voedingsbodem waarop terrorisme gedijt. Omdat dit terrorisme zich niet houdt aan de nationale grenzen (ook hier globalisering), zal dit 'opdrogen' in een internationale context moeten worden geplaatst. Eerst maar eens wat er in ieder geval niet onder verstaan moet worden: de directe omgeving van een terroristenleider en zijn volgelingen naar het stenen tijdperk verbouwen. Dat doet denken aan een toegetakelde vechtersbaas die de omstanders maar te lijf gaat, als zijn tegenstander in de menigte is opgegaan. Wat dan wel? Transnationale 'staat'De centrale doelstelling is, lijkt mij, effectief een einde maken aan de blinde gang van de kapitalistische wereldeconomie door de tijd. En dat kan alleen, als afgestapt wordt van het exclusieve primaat van de marktwerking. Die zal gecorrigeerd moeten worden door rationeel en humanitair geïnspireerde en door solidariteit aangedreven ingrepen. Daartoe is een internationale institutie of lichaam of instelling nodig die voorziet in de functies die de staat vervult binnen de context van de nationale kapitalistische economieën. De meest urgente taak van deze vervanger van de staat is de verkleining van de zich verdiepende welvaartskloof tussen 'Noord' en 'Zuid' in een meer gelijkmatige verdeling van de voortgebrachte rijkdom en welvaart in de wereld. En nu niet meer met woorden, maar met daden. Een dergelijke 'suprastaat' dient aangejaagd en bekritiseerd te worden door internationale 'politieke partijen'. De organisatie van nationale politieke partijen is in het verleden voorafgegaan door ongestructureerde bewegingen. Een diffuse arbeidersbeweging ging vooraf aan de SDAP, de CPN en enige kleinere partijen. Welnu, met wat fantasie zijn de huidige 'anti-globalisten' te beschouwen als een internationale diffuse beweging die op termijn zal uitmonden in partijen die een 'suprastaat' sturen. Waarmee maar gezegd wil zijn dat het proces al gaande is en vooral vooruit gedreven moet worden.*) Deze ontwikkeling op politiek niveau zou geflankeerd moeten worden door het ontstaan van transnationale clusters van Non-Gouvernementele Organisaties die meer specifieke doelstellingen op deelterreinen nastreven. Bijvoorbeeld, de overleving van de natuur, de emancipatie van de vrouw en de rechten van het kind. Voorts zou een transnationale arbeidersorganisatie op het specifieke sociaal-economische deelterrein de positie van de werkenden moeten verdedigen. Gezamenlijk en afzonderlijk geven deze organisaties, instituties en instellingen dan gestalte aan de corrigerende functie van een 'suprastaat'. Hoe deze er concreet uit zal zien, is nog niet te zeggen. Wel zal hij, lijkt me, in de schoot van de Verenigde Naties moeten ontkiemen. Niet gedomineerd door de sociaal-economische, meer in het algemeen maatschappelijke, principes van de Verenigde Staten, die echter wel deel moeten uitmaken van zo'n transnationale staat. Het resultaat zal moeten leiden tot een merkbare terugdringing van de welvaartskloof tussen 'Noord' en 'Zuid'. Uiteraard zal dit de nodige tijd vergen. Maar alleen al een vastgehouden ontwikkeling, wél in de juiste richting, zal veel frustraties wegnemen. Dat wat betreft de correctie van de werking van de markt. InterventieOm zo'n ontwikkeling mogelijk te maken, zal het principe van 'non interventie' op de helling moeten. Met de globalisering en daarmee de verdamping van de macht van de nationale staat en het ontstaan van allerhande transnationale organisaties, lijkt me dit principe achterhaald. Wanneer deze stelling juist is, vervalt de smoes 'dit is een binnenlandse aangelegenheid' voor de meest gruwelijke schendingen van de menselijke integriteit (moorden, martelingen, etnische zuiveringen). Toegegeven, het heeft nog niet overzienbare consequenties voor de internationale machtsverhoudingen. Machtige regio's of volken zouden zich bijvoorbeeld op oneigenlijk gronden of via valse argumenten met de interne aangelegenheden van andere regio's of volken kunnen gaan bemoeien. Maar over de uitwerking moet dan maar nagedacht worden. Wellicht in Charters of Intervention vastgelegd, waarop toezicht gehouden wordt door de Verenigde Naties. Na een interventie moeten de betrokken volken zo snel mogelijk hun zelfbeschikking terugkrijgen. Bedoeld is zoiets als in Kosovo wordt gepraktiseerd. Het moet afgelopen zijn met de macht van dictators, krijgsheren en hun milities, internationale criminelen, fanatiekelingen die onder een religieus of patriottisch vaandel terreur bedrijven en vaak in netwerken met elkaar verbonden zijn. Er moet eveneens een einde komen aan het dreigen met, dan wel het feitelijk vechten in bijvoorbeeld Angola, Sierra Leone, Congo en Somalië. Met het leger van 'blauwhelmen' wordt hiermee een aanzet gegeven, zij het dat deze VN-macht doorgaans op het toneel verschijnt als het kwaad reeds is geschied en er een pacificatie achteraf moet plaatsvinden. Net zoals van de nationale staat beveiliging van de burgers verwacht mag worden, geldt dit op transnationale schaal voor een 'suprastaat'. Vanzelfsprekend met het karakter van een rechtsstaat met internationale gerechtshoven die garanderen dat recht gedaan wordt. Waarmee gezegd wil zijn dat binnen deze kaders het recht moet bestaan welomschreven terroristen, schenders van mensenrechten, dictators, enzovoort in een land 'op te halen' en daarbij een minimum aan geweld te gebruiken. Kerk en staatOmdat de scheiding van kerk en staat niet overal bestaat en de diverse culturen in het globaliseringsproces met elkaar in contact komen of geconfronteerd worden, zal daarover een discussie moeten ontstaan. Als kinderen van de Verlichting hoeven we ons niet te schamen voor de scheiding die is doorgevoerd. Echter, door de verzwakking van de nationale (rechts)staat en de afwezigheid van een transnationale 'opvolger' krijgt dit standpunt minder kracht en een onzekere inhoud. Een proces dat versterkt wordt door het wegkwijnen van de 'kerk' als één van de ethische bolwerken. Tegelijkertijd moeten we erkennen dat de grote religies, in de strikte zin van het woord - met daarnaast de humanistische beweging en instellingen - bolwerken zijn met een zekere invloed, in ieder geval op het terrein van de sociale ethiek. En daarom zullen in deze periode van de machtsarme staat, de grote religies serieus genomen moeten worden met hun kritiek op de westerse vorm van bestaan, doordesemd met commerciële seks, alcohol, ledige 'fun' en geldhonger. De inhoud van deze religies zal daarbij losgemaakt moeten worden van de praktijk van hun gewelddadige terroristische zeloten. De inbreng van de Verlichtingscultuur zal moeten zijn: een scheiding van religie en staat, waarbij ruimte moet blijven voor de sociaal-ethische standpunten van alle religies. Daar kan het niet bij blijven in deze discussie. Eén van de vruchten van de Verlichting is het vrije individu. Het heeft ons tijd gekost dit principe ook volledig toepasbaar te verklaren op de vrouwelijke helft van de mensheid, homoseksuelen en andere onderdrukte groepen. De grote religies staan er om bekend, dat zij, zo niet vijandig, dan toch in ieder geval onvriendelijk zijn tegenover groepen die afwijken van het patriarchale en macho mensbeeld. Bij een confrontatie tussen de culturen zal duidelijk gemaakt moeten worden dat bij de inrichting van een transnationaal staatssysteem het principe van het vrije individu niet prijs gegeven kan worden. Tenslotte zal op korte termijn een einde moeten komen aan de oorlog in het Middenoosten. Onder andere door het nederzettingenbeleid van Israël terug te draaien, tot een verdeling van Jeruzalem te komen die aan de gerechtvaardigde verlangens van de Palestijnen recht doet en de terugkeer van de Palestijnen uit de vluchtelingenkampen, bijvoorbeeld door een financiële compensatie, te realiseren. Kortom, uitvoering geven aan de resoluties 242 en 338 van de Veiligheidsraad. Daarbij staan het voortbestaan en de integriteit van de staat Israël niet ter discussie. Het komt mij voor dat een 'programma' op basis van het voorgaande de voedingsbodem van het terrorisme drooglegt en op termijn zijn 'raison d'être' ontneemt. Wellicht kunnen we door zo te handelen zelfs al de eerste stapjes zetten in de richting van een grondwet voor de transnationale 'staat'. En tegelijkertijd onze kritiek voorbereiden, indien ook deze staatsvorm zich ontpopt als de beheerder van de gemeenschappelijke belangen van de heersende machten. Wim Boerboom *) Wellicht wekt dit pleidooi voor een soort transnationale staat verbazing in een tekst die pretendeert geïnspireerd te zijn door het gedachtegoed van Marx. Had Marx immers met zijn bekende typering "De staat is het comité dat de gemeenschappelijke belangen van de heersende klasse beheert" niet zijn afwijzing van de staat gedemonstreerd? Is in het verlengde hiervan onder andere in de jaren zeventig van de vorige eeuw niet een belangrijke theoretische discussie over de rol van de staat gevoerd (Mandel, Miliband, Poulantzas, Altvater, Stuurman)? En dan toch een 'suprastaat' gepropageerd? Inderdaad. Immers de staat en de hele politieke dimensie daaromheen handelen vanuit een andere logica (die van de macht) dan de logica van 'das Kapital' ("Akkumuliert ..."). |