|
nr. 105 feb 2002 |
Solidariteit
Verborgen en vergeten geschiedenis - Sint Antonius van PaduaMateriële belangen naar roomse geestDe fusiebesprekingen tussen de georganiseerde rooms-katholieke meubelmakers en houtbewerkers op 29 februari 1920 hadden een zeer geanimeerd verloop, meldt voorzitter J.Th. van der Laan van de nieuw gevormde Nederlandsche R.K. Bond van Houtbewerkers, Meubelmakers, Behangers en aanverwante vakgenooten: Sint Antonius van Padua. Maar toch, de voorzitter erkent dat de samensmelting voor sommigen een persoonlijk offer betekende. "Doch gesterkt door de kracht van ons H. Geloof, wat ons leert, dat dit leven slechts een doorgang is naar een ander leven, waarvoor wij alles moeten inspannen om dat andere leven te maken tot een goed leven, zijn deze opofferingen gebracht in het belang van de goede zaak. Moge God hen er allen voor zegenen." Zo'n levensopvatting relativeert de alledaagse problemen.In het eerste nummer van Het Bondsblad van 15 maart 1920 heet Van der Laan de lezer welkom en roept ieders medewerking in, niet in de laatste plaats van de afdelingscorrespondenten. "Voor mijzelf ben ik van plan, zooveel mogelijk tijd te nemen voor de bewerking van ons orgaan, als mij door andere werkzaamheden gelaten wordt, opdat de vraagstukken van den dag op een begrijpelijke wijze aan de leden worden voorgelegd. En zoo hopen wij, onder Gods onmisbaren zegen en de voorspraak van Sint Antonius dezen arbeid voor onze leden te maken tot een vruchtbaren arbeid voor nu en later." De clerus stuurtOp welke punten heeft de katholieke bond iets gemeenschappelijks met of onderscheidt hij zich van een vergelijkbare NVV-bond? Inkomen uit arbeid is de enige of de belangrijkste bestaansbron voor een arbeidersgezin. Wat zijn levensovertuiging ook is, de arbeider moet zijn of haar arbeidskracht op de markt aanbieden om een loon te verwerven. Door de handen ineen te slaan staat hij sterker. Naast de stoffelijke belangen die leden van welke bond dan ook met elkaar gemeen hebben, zijn er zaken met een immateriële kant. We kunnen denken aan de nadruk die van oudsher op scholing, vorming en vakopleiding wordt gelegd en op de politieke en culturele ontwikkeling ter verheffing van de arbeider, individueel en collectief. De sociaal-democratische arbeiders wordt Het Volk aangeprezen; de leden van Sint Antonius van Padua het rooms-katholieke arbeidersblad de Volkskrant. De verantwoordelijkheid en de zorg voor de zieken worden in iedere kring gevoeld en gedragen. Tuberculose als gevreesde volksziekte wordt bestreden. De NVV'ers dragen bij aan de fameuze Zonnestraal, de katholieke arbeiders zijn trots op Berg en Bosch, het sanatorium van Herwonnen Levenskracht. Een met geestverwanten gedeelde en beleefde godsdienstige overtuiging kan de hechtheid van de groep en het innerlijk geloof versterken. Maar naar mensen buiten het eigen milieu, met wie verder in maatschappelijk opzicht veel overeenkomst is, kan het als een splijtzwam werken. Paus Leo XIII is beroemd geworden door zijn encycliek Rerum Novarum uit 1891. De geest van deze paus waart door alle geschriften van de bond. Het is het zelfbewustzijn dat de katholieke arbeider wordt gegeven dat hij zich mag verenigen, maar zodanig vanuit de clerus gestuurd en religieus-ethisch geduid dat er altijd een spanning blijft bestaan tussen de harde alledaagse praktijk van de arbeider en de godsdienstige leer. De leden van Sint Antonius van Padua wordt bij voortduring de katholieke beginselen ingeprent, de leer van de Kerk, kerkbezoek, bidden, de Heilige Communie tot je nemen, op retraite gaan. De geestelijk adviseurElke vakbond krijgt een geestelijk adviseur toegewezen door de bisschop. In 1890 had Alphons Ariëns met zijn benoeming bij de Enschedese Rooms-Katholieke Arbeidersvereniging min of meer de primeur van dit ambt gekregen. De adviseur is een machtig man. Volgens de statuten wordt hij uitgenodigd voor alle vergaderingen waarvan alle besluiten hem moeten worden meegedeeld. Wanneer de priester een besluit in strijd acht met de katholieke beginselen, zal hij zich verzetten tegen de uitvoering daarvan. Komt het bestuur er bij een meningsverschil niet uit, dan moet het een beroep doen op de bondsadviseur en in laatste instantie op de bisschop. Hangende dat beroep is de uitspraak van de adviseur van kracht. Zijn belangrijkste taak is om over het zedelijk en godsdienstig peil te waken. In het eerste nummer van Het Bondsblad van 15 maart 1920 wordt een veertiendaagse uitgave aangekondigd, maar al drie dagen later komt nummer 2 uit. De bond heeft net het heuglijke bericht van Zijn Doorluchtige Hoogwaardigheid den Aartsbisschop van Utrecht ontvangen dat aan de statuten de kerkelijke goedkeuring is verleend en dat de oud-adviseur van de meubelmakers de WelEerwaarde Heer H. van de Kamp tot adviseur is benoemd. Enige tijd later wordt deze man professor aan het groot seminarie te Haaren bij Oisterwijk. De bond feliciteert hem omstandig: "wat het voor ons, roomsche arbeiders, zeggen wil een geestelijk adviseur te bezitten, die te allen tijde bereid is met de warmte van zijn priesterhart onze zaak te dienen, kan voor een buitenstaander niet gemakkelijk te begrijpen zijn." In eigen kringDe grenzen met andersdenkenden worden scherp - indachtig Rerum Novarum - getrokken. Bij de voorbereiding van het eerste landelijke contract voor meubelmakers in 1917 waren gecombineerde vergaderingen van leden van bonden nog toegestaan. Daar werd tot ultimatums aan patroons besloten. In 1917 mocht dat nog, zo wordt gesteld, omdat die bijeenkomsten voor propagandadoeleinden ter werving van ongeorganiseerde arbeiders benut konden worden. Drie jaar later ligt dat anders. Het Doorluchtig Episcopaat heeft besloten dat gecombineerde vergaderingen zo weinig mogelijk mogen worden gehouden. De leden moeten eerst in eigen kring een ultimatum stellen en voor ieder bijzonder geval zal door het hoofdbestuur worden vastgesteld of hiervan mag worden afgeweken. Hetzelfde geldt trouwens ten aanzien van de vergaderingen met de protestants-christelijke arbeiders. De houding ten opzichte van de CNV-bond is wat ambivalent. Internationaal wordt vanaf eind 1920 samen opgetrokken. Voor de socialisten wordt gewaarschuwd: "De Algemeene Bond, vereenigd in het NVV heeft in 1918 getoond, ook niet afkeerig te zijn van het gebruiken van het middel: revolutie, om daardoor een bepaalde partij aan het bewind te brengen." Kees Woudenberg, voorzitter van die NVV-bond, zal er van hebben opgekeken. Om sterk te staan tegenover socialisten en communisten is studie nodig. "Dagelijks hoort men valsche profeten valsche leerstellingen verkondigen. En zoo gemakkelijk gaat men dan den verkeerden weg, ook al, omdat die weg zoo mooi wordt voorgespiegeld. Vooral wij, die dagelijks in fabrieken en werkplaatsen met zoovelen van andere richtingen te maken hebben, hebben het in dit opzicht hard te verantwoorden." Er volgt een tip voor de eenvoudige arbeider: "Weet ge zelf niet goed wat ge halen wilt, vraagt het dan uw Eerwaarde Adviseur op of na de vergadering." Stalen moed in de zielVan de Kamp wordt in mei 1924 vervangen door G.W. Bolder. De Eerwaarde Bolder heeft aanvankelijk zo zijn twijfels of hij als zoon van een werkgever wel in staat zou zijn om de zaken voldoende objectief te beoordelen. De geestelijk adviseur krijgt in het jaarverslag van de bond altijd als eerste het woord. Bolder op 1 augustus 1932: "Maar dat ik als bondsadviseur hier getuigen kan, dat in niets bewust gehandeld werd tegen den echt roomschen geest en de kerkelijke leiding bij het verzorgen onzer materieele belangen, ziet, mijne bondsbroeders, dàt getuigen, dàt, als 't kon, van de daken af te kondigen, doet mij nog grooter genoegen." In dit verslag over 1930 en 1931 worden bittere conflicten beschreven die zich afspeelden tussen katholieke arbeiders en hun katholieke patroons. Het goed recht ligt aan de zijde van de werknemers, dus is de vraag of de geestelijke adviseur van de katholieke werkgevers van mening is dat zijn partij evenzeer naar roomse geest heeft gehandeld. De vakbond vindt dat de collega van Bolder voor schut is gezet. Bolder overlijdt op 26 februari 1933. De bond herdenkt hem als een adviseur die zich niet met de kleine dagelijkse beslommeringen bezig hield. Maar hij was des te meer op zijn post, indien er ernstige moeilijkheden waren op te lossen: "Niet altijd waren het de aangenaamste oogenblikken van zijn leven, indien onze organisatie hem buiten de hoofdbestuursvergaderingen noodig had. Somwijlen moest hij optreden tegen personen, die zich katholiek noemden, maar wier daden daarmede in flagrante tegenspraak waren." Moest Bolder leden aanspreken die twijfelden aan de kracht van hun geloof? Uit het jaarverslag: "Twee van onze leden bleken niet bestand te zijn tegen de socialistische verleiding en pleegden verraad aan hun eigen principieele organisatie. Hoewel dit aantal in twee jaar buitengewoon klein is, is dit desondanks te betreuren, omdat dezulken, die toch alreeds geen overtuigde katholieken waren, door het milieu, waarin zij komen te verkeeren, waarschijnlijk voorgoed verloren zijn." Maar het verhaal is niet af: "Wij kunnen daar tegenover stellen, dat 10 leden van de socialistische organisaties naar ons overkwamen. (...) Onze propagandisten verdienen daarvoor de grootste dankbaarheid." Geestelijk adviseur B.Th. Gerritsen debuteert in het verslag over 1932 en 1933. Net als zijn voorganger prijst Gerritsen de bond vanwege de trouw aan de roomse beginselen. Hij meent dat dit voor de toekomst de zekerheid geeft dat volgens de Wet van God naar de verbetering in de toestand in de arbeidersklasse zal worden gestreefd. Dat gaat niet vanzelf: "Om dit te bereiken is noodig intensieve werklust en werkkracht; jeugdige geestdrift en taaie volharding. Wat wij thans, meer dan ooit te voren, broodnoodig hebben, dat zijn echte, stoere werkers; mannen met een stalen moed in de ziel, die niet opzien tegen offers, niet terugdeinzen voor moeilijkheden; mannen, die geen feestvierende of slapende, maar in den vollen zin des woords werkende leden zijn." Harry Peer Dit artikel is ontleend aan een hoofdstuk uit het binnenkort te verschijnen boek van Harry Peer: Kunstbroeders of meubelslaven. Uit de geschiedenis van de vakbeweging in de meubel- en houtsector. Bestellen: Vakbondshistorische Vereniging, Amsterdam of FNV Bouw, Woerden. |