nr. 4
mar 1984

welkom
edities
inhoud

Solidariteit

Redaktioneel

De verliezers zijn sterker geworden.

De NRC van 12 november 1983 bevatte een juiste opmerking: 'Nog nooit is het voorgekomen dat in Nederland overheid en overheidsdienaren zo scherp tegenover elkaar stonden als de afgelopen weken.' Dat 'stonden' is misschien niet geheel korrekt; het ziet er naar uit dat er voorlopig geen sprake is van een vrede, alleen maar van een bestand. Of dat bestand een lang leven beschoren zal zijn is nog maar de vraag; de bezuinigingsdrift van Lubbers & Co. is nog lang niet uitgewoed en overheidsdienaren noch trendvolgers lijken al hun kruit reeds verschoten te hebben. In deze betrekkelijke windstilte is het gewenst een balans op te maken - hoe voorlopig ook. In dit nummer van Solidariteit is het 'thema' aan de akties gewijd en de lezer(es) zal daar de meeste informatie vinden die we te verschaffen hebben. Maar ook redaktioneel willen en kunnen we niet aan die akties voorbijgaan. Ze zijn, dat heeft de NRC goed gezien, een mijlpaal in de geschiedenis van de Nederlandse arbeidersbeweging.

Ophemelarij

Er is geen enkele reden zich al te rooskleurige voorstellingen te ma ken van de resultaten der akties. Zeker, het is een belangrijk feit dat grote groepen mensen, die nog nooit eerder in aktie geweest waren, nu vastberaden de strijd met Lubbers & Co. aanbonden. Maar om nu, zoals sommige persorganen doen, ervan uit te gaan dat bijvoorbeeld de ambtenaren het stakingsrecht veroverd zouden hebben is onszelf voor de gek houden. Per slot van rekening heeft ook nu weer de rechter een eind gemaakt aan een aantal akties. Daarbij is voor de zoveelste keer gebleken dat in laatste instantie de belangen van de ondernemers doorslaggevend zijn. Klassejustitie in optima forma.

Evenmin kan men stellen dat de overheidsbonden zich tegenover de regering een steviger onderhandelingspositie verworven hebben. De status van volwaardige CAO-partners is beslist nog niet in zicht. Zeker gezien de slagen die zonder enige twijfel nog geleverd zullen moeten worden is het noodzakelijk om met beide benen op de grond te blijven.

Positieve balans

Dat alles neemt niet weg dat er in de novemberakties belangrijke stappen vooruit gedaan zijn. In de eerste plaats natuurlijk de gebleken aktiebereidheid. Die was groter dan menig zwartkijker-vanaf-de-zijlijn voor mogelijk gehouden had. Dan de veelvormigheid van de aktie-initiatieven. Er is daarbij een inventiviteit getoond die ook voor de (naaste) toekomst het beste doet verwachten. Die inventiviteit was vooral aan de basis, onder da aktievoerders zelf waar te nemen. In vele gevallen waren het de initiatieven van onderop die de bondsleidingen tenslotte over de streep trokken.

In dit verband moet zeker ook de strijdbaarheid van grote aantallen christelijk georganiseerden genoemd worden. De daarbij gebleken eenheid-aan-de-basis geeft eveneens moed wat betreft de komende ontwikkelingen. Het zal voor sommigen een verrassing zijn geweest dat 'op de werkvloer' de tegenstellingen tussen de verschillende georganiseerden veel kleiner bleken te zijn dan die 'aan de top'.

Niet alles goud

Maar het was niet alias goud wat er blonk. Men kan bijvoorbeeld vraagtekens zetten bij de fragmentarische opzet van de meeste akties. Daarin wreekte zich het feit dat de bondsleidingen pas na voldongen initiatieven aan de basis bereid bleken de aktie 'over te nemen'. Daardoor schortte het op vele plaatsen aan koördinatie. Daardoor is het met name een aantal rechters-in-kort-geding een stuk gemakkelijker gemaakt akties te verbieden. Bij een gekoördineerde uitbreiding van de akties over een breder front - wat gezien de grote aktiebereidheid beslist geen onmogelijkheid geweest zou zijn - was het die heren heel wat moeilijker gevallen de stakingen te breken.

Waar ook eens ernstig over nagedacht moet worden is het feit dat de verdediging van de positie der uitkeringsgerechtigden in feite los stond van de strijd der ambtenaren en trendvolgers. Als er ooit een kans is geweest om de solidariteit tussen die delen van de arbeidersklasse konkreet vorm te geven was het wel hier. Die kans is dus grandioos gemist. Al heeft dan de FNV haar geschonden gelaat tegenover de uitkeringsgerechtigden enigszins kunnen herstellen, er is geen verbinding tot stand gelegd tussen de akties van overheidsdienaren en trendvolgers en de uitkeringsgerechtigden. Het is kennelijk één ding de solidariteit hoog in het vaandel schrijven en een ander er in de praktijk van de aktie handen en voeten aan geven. De AbvaKabo was zelfs van mening dat de uitkeringsgerechtigden het zelf moeten doen. Dat is natuurlijk de zaak op zijn kop zetten. Als er in deze periode iets noodzakelijk is, dan is het wel het opbouwen van de eenheid. Dat gebeurt niet met een mentaliteit van 'ieder voor zich en god voor ons allen'. Dat het moeilijk is de uitkeringsgerechtigden samen te brengen en te organiseren staat als een paal boven water. Maar dat is nog geen vrijbrief om van iedere poging in die richting af te zien. Op een aantal plaatsen hebben trouwens uitkeringsgerechtigden zelf initiatieven ondernomen om de akties te ondersteunen. Daar lag een schitterende kans om de solidariteit te verbreden. Die kans is gemist - een onvergeeflijke blunder.

Ook aan de solidariteit uit een andere hoek is minder aandacht besteed dan wenselijk zou zijn geweest. Terwijl de leiding van de Industriebond FNV zich op schandelijke wijze afzijdig hield van wat zich aan het overheidsfront afspeelde nam een aantal kaderleden in Amsterdam het initiatief de aktie te ondersteunen. Voor zover wij weten hebben de leiders van de ambtenarenbonden deze uitgestoken hand niet aangenomen. Was men bang dat Dick Visser c.s. boos zouden worden?

Klassejustitie

Zoals hierboven al even aangestipt: de rechter heeft opnieuw ingegrepen zodra de belangen van de ondernemers in gevaar dreigden te komen. Daarmee is opnieuw duidelijk geworden wat het zo hoog geroemde 'algemene belang' in werkelijkheid is: het belang van ondernemers om ongestoord winst te maken. Zodra dat belang maar in de verte in gevaar dreigt te komen loopt men naar de rechter - en wordt daar op zijn wenken bediend. Het wordt dan ook hoog tijd dat men zich in de vakbeweging af gaat vragen of de eerbied die men rechterlijke uitspraken in arbeidskonflikten betoont wel zo gerechtvaardigd is. Natuurlijk zijn er praktische overwegingen om een rechterlijke uitspraak niet zonder meer te negeren (dwangsommen!) maar met wat fantasie en inventiviteit vallen er heus wel wegen te vinden om rechter en ondernemer voor gek te zetten. Er zonder meer van uitgaan dat alles voorbij is als de rechter gesproken heeft is blijven toestaan dat de klassejustitie gerechtvaardigde arbeidersakties de stok tussen de benen blijft steken.

Perskommentaren

NRC-Handelsblad van 12 november meent dat de ambtenarenbonden nu zijn erkend als echte onderhandelingspartners en daarmee 'eindelijk' als echte vakbonden. Dat lijkt ons schromelijk overdreven. Er nog van afgezien dat iedere vakbond of arbeidersorganisatie die 'erkenning' steeds opnieuw in de strijd moet bevechten zijn we in het geval van de ambtenarenbonden al helemaal nog niet aan zo'n 'erkenning' toe. Natuurlijk hebben Rietkerk en zijn trawanten wel iets uit het ambtenarenverzet geleerd. De volgende keer (1 juli!) zullen ze wellicht de zaak jets subtieler aanpakken. Maar de bonden zouden wel gek zijn als ze daaruit de konklusie trokken dat ze nu 'erkend' zijn en als gelijkwaardige partners zouden kunnen overleggen. De NRC mocht willen dat men daar intrapt!

Vanzelfsprekend is ook in andere persorganen uitgebreid aandacht besteed aan de akties. Typerend voor de benaderingswijze van de meeste journalisten is het artikel van Joost Terlingen in VN van 12 januari 1983. Volgens hem hebben de meer 'professionele' vakbondsbestuurders met kromme tenen en zweet in de handen toegekeken hoe Jaap van de Scheur door de porseleinkast denderde. Het kon daarbij niet anders of de ambtenarenvoorman moest daarbij plat op zijn bek vallen. Het voor JT merkwaardige feit doet zich nu voor dat 'Japie, Japie' met een versterkt prestige uit de strijd gekomen is. Zeker, de slag om de 3% is verloren, maar de oorlog met de regering duurt voort en het ziet er niet naar uit dat nieuwe aanslagen op koopkracht en werkgelegenheid van het overheidspersoneel gedwee aanvaard zullen worden. De verwachting is algemeen dat ons nog meer 'hete perioden' te wachten staan. Ondanks de (deel)nederlaag is de kracht van de overheidsbonden ongebroken. Maar Terlingen ziet kennelijk meer in de aanpak zoals die door de leiding van de Industriebond FNV gepraktizeerd wordt. Een nieuw 'herrijzend Nederland' dus.

Redaktie (maart 1984)