nr. 77
feb 1997

welkom
edities
inhoud

Solidariteit

Stekeltjes

Het rijk der fabelen

Ik hoorde het bij Nova. Er is geen sprake van tweedeling in de nederlandse maatschappij. Ik ren meteen naar de nachtwinkel, koop een krant. En verdomd, het staat erin. Ik koop nog een krant en daarna een weekblad, zet de televisie af en de radio op. Gelijk met de zuurkool. Ook de volgende dagen is de informatika gefixeerd; de tweedeling is er niet en zal er ook in 2004 niet komen. Bij die overmaat aan bewijs moet ik wel steeds denken aan de onbetaalbare woorden van Van Heutsz: liever tien keer te veel geschoten dan één keer gemist.
Intussen viel me een grote last af en kon ik voor het eerst sinds jaren m'n lievelingsliedje weer neuriën "ik wil gelukkig zijn, ik wil dansen tot ik niet meer kan ...", me onderwijl zorgen makend over m'n ideologiese pakkage die er - zwart-wit gesteld - van uitgaat dat er twee soorten zijn, armen en rijken. Nou ja, denk ik optimisties, mazelen gaan ook over.

Maar verwarrend is het wel. Want in een door de krant geciteerd bovendepartementeel rapport lees ik twee dagen later dat er weliswaar sprake is van tweedeling, maar dat de armen zich gelukkig mogen prijzen. Zij zijn namelijk gevrijwaard van stress, omdat ze geen werkweken van 55 uur hoeven maken. Zij kunnen genieten. Van de natuur en van zelf eten klaarmaken. Een met werk gezegend stel komt daar niet aan toe. Die moeten het hebben van de afhaalchinees. Althans in het gunstigste geval.
En het is waar! Ik ken persoonlijk een jongetje van ruim een jaar met werkende ouders dat, als-ie honger heeft, niet om z'n mamma (of desnoods pappa) roept. Dat gosertje gaat in z'n pampertje bij het raam staan en blèrt keihard "mooto, mooto", waarmee hij dan de gemotoriseerde pizzajongen bedoelt!

"Ze hadden ook nooit de scheiding van kerk en staat moeten doorvoeren, de stommerds", zegt mijn buurjongen, als ik hem deelgenoot maak van het Nieuws over die gefantaseerde tweedeling. "En dat van die Ufootjes is ook niet waar", zei ik maar. Want zijn kommentaar had me wel verbaasd. Wat weet zo'n jongen van amper twintig nou van godsdienstwetten van honderd jaar geleden? Zo kan je je verkijken.

In mezelf konkludeer ik tijdens het gesprek dat er eigenlijk niks nieuws onder de zon is. Vooral als je daarbij de wet van de kommunicerende vaten betrekt. Dan is de mening van een wijs mens toch gelijk aan die van een dwaas ... of niet soms?
Als één of andere idioot bijvoorbeeld volhoudt dat de maan afstamt van een edammer kaas en daarin tegengesproken wordt door een fysikus, hoeft het niet te betekenen dat de laatste gelijk heeft. Volgens het laatste regeerakkoord heeft iedereen recht op z'n eigen mening. Behalve bij abortus natuurlijk. Of bij euthanasie.

Mijn buurjongen, die zeer begaafd is, vat mijn redenatie onmiddellijk persoonlijk op. "Ik wil zijn zoals Jomanda, een schakel tussen hemel en aarde", zegt hij. "Ga je gang", zeg ik nog.
Maar Bertus (zo heet hij) is over de rooie en antwoordt dat ik daarover niet te oordelen heb, omdat ik nog onvoldoende gereïnkarneerd ben. Ik heb geen zin in burenruzies, dus ik probeer het gesprek terug te brengen tot het uitgangspunt: geen tweedeling.
"Boelshit, gelul", schreeuwt Bertus. "Lees er Descartes maar op na. Van alle begerenswaardige zaken is het menselijk verstand gelijkelijk verdeeld. En buuf, ik kan het bewijzen, staven, kommunitariseren ..." "Dat laatste heb je gepikt van Dijkstal", val ik in de rede.
Maar die jongen is niet te houden, hij gaat zelfs op een stoel staan. "Heb je ooit gehoord dat een dommeling klaagt over gebrek aan hersens, heb je ooit van een wijze gehoord dat ie het te veel vond? Nou? Nou?" Ik schud m'n hoofd.
"En weet je wel wat GFT-afval betekent?" Hij kijkt dreigend naar beneden. Ik kom niet verder dan groente, fruit verdorie, waar staat die T nou ook weer voor?
"Voor tuberkelbaksil, truttebol", roept hij. "Verrek", denk ik nog.
Maar m'n buurjongen, die gedachten kan lezen, gilt het triomfantelijk uit. "En dat 'proletariërs aller landen verenigt u' kan je ook wel vergeten ... het rijk der fabelen, buuf."

Stekeltje