|
nr. 108 juli 2002 |
Solidariteit
Recht en Arbeid - verhouding SPAN/SPANOKantonrechter beloont ordehandhaversOp 14 juni 2002 heeft de kantonrechter te Amsterdam geoordeeld over de juridische vraag of SPANO de rechtsopvolger is van SPAN. En hij komt tot een bijzonder oordeel: de juridische regels betreffende 'overgang onderneming' zijn op SPANO en SPAN niet van toepassing.Deze procedure is begonnen na het afwijzende vonnis, mei vorig jaar, van een andere kantonrechter over het onterechte ontslag van 25 arbeiders van de Amsterdamse havenpool SPAN/SPANO. Ze staat los van het ingestelde hoger beroep tegen dat vonnis.
In strijd met het rechtIn Europese regels is vastgelegd dat ondernemers die met rechtspersonen handelen de rechtspositie van de betrokken werknemers niet mogen aantasten. Wanneer dus een onderneming in handen komt van een andere eigenaar, worden de bestaande arbeidsvoorwaarden gehandhaafd. Niet mee 'overnemen' van een gedeelte van het personeel is ook niet toegestaan. In de zaak van de Amsterdamse havenpool speelt deze problematiek. Eerst wordt SPAN opgericht eind 1997, SPANO volgt een half jaar later. SPANO selecteert 110 personeelsleden uit SPAN en gaat met dat gedeelte van het personeel verder met het in- en uitlenen van arbeidskrachten. De achterblijvende SPAN werknemers worden een jaar later ontslagen, omdat SPAN er mee ophoudt. Op deze manier personeel selecteren mag niet, wanneer de identiteit van beide ondernemingen gelijk is. Dat is volgens het Europese recht, en is inmiddels ook in het Nederlandse recht vastgelegd. Maar de kantonrechter trekt deze conclusie niet. Hij geeft daarvoor eigenlijk slechts twee argumenten. 1. De betreffende arbeiders stemden ermee in. 2. Arbeidsonrust is voorkomen. Orde en rustOm de redenering van de kantonrechter goed te kunnen volgen - hij kan de zorg van de bonden voor orde en rust heel wel begrijpen - hier een lang citaat. "Alle voormalige werknemers van AAN B.V. [voorganger van SPAN/SPANO] werd de mogelijkheid geboden met SPAN een arbeidsovereenkomst aan te gaan; uit het vorenstaande vloeit voort dat zij, als zij in dienst traden vervolgens zowel in de haven zouden arbeiden als zich onderwerpen aan het programma van training, begeleiding scholing en selectie. Met nadruk zij daarbij aangetekend dat betrokkenen geheel vrijwillig bij SPAN in dienst konden treden. (...) Van belang is daarbij dat alle betrokken werknemers in staat zijn gesteld met Het Accoord in te stemmen en dat een meerderheid dat heeft gedaan. SPAN was derhalve een hele bijzondere constructie door alle betrokken instanties en de bonden opgezet met een tweeledig doel, namelijk het voortzetten van de havenpoolactiviteiten, noodzakelijk voor het voortbestaan van de Amsterdamse havenbedrijven die zich niet ieder afzonderlijk konden permitteren een werknemersbestand aan te houden dat piekbelasting aankon en het daardoor voorkomen van onrust die zou kunnen ontstaan door het optreden van koppelbazen, alsmede het voorkomen van onrust door de optredende werkloosheid als gevolg van het faillissement van AAN B.V.. Kenners van de sociale geschiedenis van de havens, en dat waren de meeste zo niet alle bij de oprichting van SPAN betrokken instanties en organisaties wisten wat onrust in de havens voor sociale verhoudingen en ontwikkelingen in Nederland kon betekenen. Zij onderkenden de situatie zoals die door het faillissement van AAN BV was ontstaan als bron van onrust en er moet hen vanuit die langjarige ervaring veel aan gelegen zijn geweest, zoals ook uit de vastgestelde feiten blijkt, die bron te stoppen. (...) SPAN heeft naar het oordeel van de kantonrechter niet dezelfde onderneming geleid als SPANO thans doet. Door anders te oordelen zou de kantonrechter op onaanvaardbare wijze afbreuk doen aan de bedoelingen van de oprichters van SPAN, immers oordelen dat de ten deze relevante activiteiten van SPAN slechts de naar buiten gerichte havenactiviteiten waren." Jurisprudentie gemaaktDe kantonrechter heeft dus een nieuwe regel ontworpen bij de bepaling of werknemers wel of niet volgens het recht naar een nieuwe onderneming overgaan. Hij stelt: als het doel van de vakbonden - in burgerlijke zin - nobel is, hier dus "de bron van onrust te stoppen", en de bonden er bovendien in slagen de werknemers te bewegen hiermee in te stemmen, dan is de wettelijke bescherming van werknemers niet aan de orde. Hij geeft ook nog een toelichting om aan te geven dat rechtsartikelen niet ontdoken zijn: "De voormalige werknemers van AAN B.V. konden geheel vrijwillig in dienst treden van SPAN, de opzet van SPAN was hen bij indiensttreding bekend en een meerderheid van de aanwezigen ter vergadering waar Het Accoord was voorgelegd, had daar van tevoren mee ingestemd." Uiteraard is hierover het laatste woord nog niet gezegd. Een eerste conclusie is dat degenen die zich gezamenlijk zo voorbeeldig hebben ingezet de arbeidsrust in Nederland te bewaren, op waardering van de kantonrechter kunnen rekenen. En ze hieven een glas. Pim Fischer |