Route Nederlandse vakbeweging - via privaat en publiek naar perspectief
Positie FNV
Sjarrel Massop
De FNV als vakbond van de leden behoort een belangrijke factor te zijn in de bestrijding van de neoliberale ontwikkelingen. Het neoliberalisme verwoest samenlevingen en ondermijnt de democratie. De ontwikkelingen van het neoliberalisme lopen internationaal uit de hand. Nederland kan zich aan de aftakeling die daarmee gepaard gaat, niet onttrekken. Hoe een tegenmacht te ontwikkelen om dit proces te keren? Het antwoord begint met de bepaling van de positie van de Nederlandse vakbeweging.
Ze, de FNV, is een proces gestart die de neergang van de vakbeweging kan doen kantelen. Een nieuw bestuur, een nieuwe structuur, een andere aansturing, een Meerjarenbeleidsplan, allemaal ingrediënten voor een nieuwe strategie. Is zo´n organisatorische benadering een goede aanpak? Is er eerst een inschatting nodig hoe ze ervoor staat?
Dit is de eerste bijdrage, in een serie van vier (ronde 563 over privatiseringen, ronde 564 over de publieke zaak en ronde 565 over perspectieven voor de vakbeweging) om een antwoord te vinden op de vraag wat de positie is van de vakbond in het neoliberale krachtenveld van Nederland en welk perspectief er voor de vakbeweging mogelijk is. In de literatuurlijst van het dossier van Solidariteit "FNV van de leden" is achtergrondinformatie te vinden.

Markt
De Nederlandse vakbeweging, met de FNV als prominente schakel, benadrukt het overleg tussen ondernemers, werkenden en overheid. Het polderen, de gangbare naam voor het corporatisme of de samenwerking tussen 'sociale partners' en de overheid, komt aan zijn einde. Overheid en ondernemers kunnen zonder de vakbeweging verder. De oorzaak is dat de overheid door de vele privatiseringen nauwelijks meer verschilt van het bedrijfsleven.
Internationaal kenmerkt het neoliberalisme zich door de keuze voor de markt. Deze benadering wenst geen pottenkijkers en stoorzenders. Vakbonden vertegenwoordigen andere belangen. Namelijk: arbeid, bestaanszekerheid, inkomen en publieke voorzieningen - dat is hun werkgebied. Deze activiteiten verhouden zich slecht met marktwerking. Neoliberalen hebben het voorzien op de vakbonden, ze willen er korte metten mee maken. Het obstakel vakbonden moet uit de weg geruimd worden.
Aanval
De Nederlandse overheid en ondernemers hielden de schijn nog op, maar met een afkalvende vakbeweging is dat niet meer nodig. Ook de internationale vakbeweging is ernstig bedreigd. Het internationale neoliberalisme heeft het voorzien op de vakbeweging. Zeker in de bakermat van dit politieke systeem Verenigde Staten en Engeland) is ze heel fors de deur gewezen.
Ronald Reagan, president van de VS begin jaren 1980, sloot zich aan bij de staat New York door de verkeersleiding van de vliegvelden aan te pakken. Hij maakte de vakbond duidelijk niet welkom te zijn als deelnemer aan het interne overleg van de regering met de 'sociale partners'. (a brief history of neoliberalisme, pag 52)
Thatcher, de Iron Lady, de premier van Engeland vanaf 1979 is rigoureuzer te werk gegaan, er kwam zelfs bruut geweld aan te pas. Het betreft de aanpak om de vakbeweging uit te schakelen in de Engelse mijnwerkersstaking in 1984 (Solidariteit nummer 100) heeft de Engelse vakbeweging een enorme dreun op geleverd.
Het neoliberalisme heeft een open oorlog gevoerd tegen de internationale vakbeweging. Zeker de Nederlandse vakbeweging heeft niet echt stil gestaan bij wat de achtergrond was van de aanval door de neoliberale machten. Dit is mede de oorzaak van het ernstige ledenverlies.

Bron CBS
Vrouwen
De neoliberale aanval op de vakbeweging was afhankelijk van de krachtsverhouding tussen staat en vakbeweging. In de Anglo-Amerikaanse landen (Verenigde Staten en Groot Brittannië), de bakermat van het neoliberalisme, waren vakbonden sterk en goed geïntegreerd in de samenleving. Ze waren niet alleen instrumenten voor de verbetering van de arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden, maar ook bolwerken waar saamhorigheid en solidariteit gepraktiseerd werden en de gemeenschappen vorm en inhoud kregen. Vrouwen speelden daarin een vooraanstaande rol. Tijdens de Engelse mijnwerkersstaking zongen ze:
We are women, we are strong,
We are fighting for our lives
Side by side with our men
Who work the nation's mines,
United by the struggle,
United by the past,
And it's - Here we go! Here we go!
For the women of the working class.
(unionsongclub)
Sociaaldemocratie
Het neoliberalisme heeft de solidariteit grotendeels verjaagd. In andere landen is de staatsmacht met bruut geweld overgenomen onder het mom van het neoliberalisme. Daar werden, wat we autocratieën noemen, de vakbonden volledig geïsoleerd en onderdrukt. Denk vooral aan Zuid-Amerikaanse landen als Chili en Argentinië. Ook daar organiseerden vrouwen het verzet: de moeders van "Plaza de Mayo".
In de Europese landen, ook in Nederland waren de vakbonden meer geïncorporeerd. De vakbonden waren onderdeel van het establishment geworden en daardoor minder sterk. Wel was er een sterke band tussen vakbonden en politiek. Politieke partijen, de sociaaldemocratie voorop, waren sterker. Vaak maakten ze zelfs onderdeel uit van de regeringen (Duitsland, Nederland, Scandinavië, in mindere mate Frankrijk en de Zuid Europese landen). De politiek, ook de sociaaldemocratie, nam de lijn van het neoliberalisme over. De sociaaldemocratie moesten hun ideologische veren afschudden en werden uiteindelijk uitvoerders van het neoliberale project. Dit werd de ‘derde weg’ genoemd (1). De vakbonden gingen er naïef in mee, ze onderkenden tot op de dag van vandaag het gevaar van neoliberale ontwikkelingen niet.
Opgenomen in overheid
Merijn Oudenampsen spreekt van een stille revolutie (Positie en strategie vakbeweging Klikken op publicaties en even naar beneden scrollen):
Sommigen hebben het neoliberalisme exclusief gedefinieerd aan de hand van vijandelijkheid ten opzichte van vakbonden en het sociaal overleg. Dan is er in Nederland inderdaad geen sprake van neoliberalisme. Maar historisch gezien is dat een weinig overtuigende positie, aangezien er substromingen zijn binnen het neoliberalisme, die goed samen blijken te kunnen gaan met vakbonden en corporatisme.
De vakbonden gingen mee in het neoliberale project. Ze werden onderdeel van de overheid als sociale partners, ze leverden de verzorgingsstaat in, zonder dat daar iets tegenover stond. (358-4). De illusie bleef bestaan dat ze als factor konden blijven functioneren. Langzaam maar zeker is deze illusie verdwenen met de nare consequentie dat niet alleen de liberalen de vakbonden gingen uitsluiten. De arbeiders hun heil gingen zoeken bij de ultra rechtsen met hun vage sociale beloften en komen thuis van een koude kermis.
Knelpunten
Conclusie, Oudenampsen:
Gezien het technocratische karakter van de neoliberale wende in Nederland, is het belangrijk voor de vakbonden om veel scherper de ontwikkelingen op het gebied van ideeënvorming rond economisch beleid in de gaten te houden’. (Positie en strategie vakbeweging idem als hierboven).
De kentering van de asociale situatie moet bij de mensen zelf liggen. De vakbeweging, heeft het laten gebeuren en keek weg. Toen het bijna te laat was, ging ze haar 'besturing en structuur' aanpassen. Daarmee is de positie niet versterkt, integendeel, de vakbeweging is verder verzwakt. Overal in de gehele wereld is te zien dat mensen elkaar weer vinden, vaak als initiatief van vrouwen worden de gemeenschappen hersteld en het verzet georganiseerd. (Amerika, Hongarije, Oekraïne, Spanje, Frankrijk - gele hesjes). De sleutel voor verandering ligt bij de vakbeweging, maar dat moet dan wel een andere vakbeweging zijn. De politiek (inclusief de sociaal – democratie) is voor het neoliberalisme gezwicht, het is aan de vakbeweging om de politiek uit het moeras te trekken. Ernstige knelpunten voor hernieuwd vakbondsinitiatief zijn:
- de illusie van de verstrengeling met de politieke macht - in Den Haag en bij de lokale overheden valt weinig tot niets te halen! (e534-2)
- de kadervorming in de vakbeweging herstellen, actieve vakbondsmensen moeten een belangrijkere rol gaan spelen.
- de meritocratie, besturen bestaan uit enkel hoogopgeleiden, binnen de vakbeweging moet veranderen - de besturen bestaan nu veelal uit academici en mensen die niet bekend zijn met vakbondswerk aan de basis, het bedrijvenwerk en het werk in de afdelingen.
De emancipatie van de arbeidersklasse en het precariaat, moet het werk van de mensen zelf zijn.
(1). De ‘derde weg’ is een beweging binnen de sociaaldemocratie en verwante stromingen die sinds de jaren negentig een nieuw evenwicht zoekt tussen de liberale markteconomie en de verzorgingsstaat. Volgens de Labour ideoloog Anthonie Giddens, de voornaamste theoreticus van de derde weg, worden hierbij neoliberale ideeën gebruikt om socialistische doelstellingen te bereiken.